hoofdstuk 2

Methodische Aanpak Schoolverzuim:
samen lossen we het op 

De Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) is in 2017 ontwikkeld door Halt, het Openbaar Ministerie, de Raad voor de Kinderbescherming en Ingrado (vereniging voor leerplicht en RMC) om schooluitval te voorkomen. Uitgangspunt is dat de aanpak licht is waar mogelijk en zwaarder indien nodig. Het doel is altijd dat jongeren zo snel mogelijk weer onderwijs volgen.

Kern van de aanpak is snel stappen maken aan de hand van een eenduidige aanpak en duidelijkheid over wie wat doet. Daarvoor zijn in een stappenplan vier routes bij meldingen van ongeoorloofd verzuim opgenomen: vrijwillige jeugdhulp, Halt-straf, dwang in civielrechtelijk of dwang in strafrechtelijk kader. 

Medewerkers van LVS zijn gecertificeerd en sinds twee jaar wordt door het gehele team LVS volgens de MAS gewerkt. Scholen en partnerorganisaties worden daarin meegenomen.  

Relatief verzuim

Van relatief verzuim is sprake als een leer-of kwalificatieplichtige leerling die is ingeschreven op een school zonder geldige reden niet op school aanwezig is. Dit kan worden onderverdeeld in:

  • Ongeoorloofd verzuim 16 uur in 4 weken (waaronder spijbelen). De school is verplicht om dit verzuim te melden
  • Ongeoorloofd overig verzuim.
    • Minder dan 16 uur in 4 weken, als er bijvoorbeeld sprake is van achterliggende problematiek
    • Veelvuldig te laat komen
  • Luxe verzuim, bijvoorbeeld als ouders hun kinderen buiten de schoolvakanties om meenemen op vakantie. 

Bij alle verzuimmeldingen stelt de consulent LVS een onderzoek in. Daartoe behoort een gesprek met ouders en (vanaf 12 jaar) de leerling. Onderzoek wordt gedaan naar de oorzaak van het verzuim. Samen met de leerling, ouders, school en andere partners wordt een oplossing gezocht om het verzuim te stoppen. Wanneer sprake is van persoonlijke problemen thuis kan de consulent hulpverlening of begeleiding inzetten. Doen ouders niet voldoende om verzuim te stoppen, dan zijn zij wettelijk strafbaar. Dit geldt ook voor leerlingen van twaalf jaar en ouder. Het Openbaar Ministerie en de rechtbank kunnen onder meer geldboetes, begeleiding door de jeugdreclassering of een taakstraf opleggen. Ook is het in sommige gevallen (bij 16- en 17-jarigen) mogelijk dat na melding van LVS door de Sociale Verzekeringsbank de kinderbijslag wordt stopgezet.

In het schooljaar 2021-2022 ontving LVS relatief veel meldingen van verzuim. Naast de genoemde vormen hebben deze meldingen betrekking op onder meer verzuim van minder dan 16 uur in 4 weken, verzuim met een zorgelijke achtergrond en luxe verzuim (waarbij bijvoorbeeld de vakantie ongeoorloofd wordt verlengd). Normaal gesproken gaan we hierbij in onze regio in gesprek met ouders en leerling. De laatste maanden van het schooljaar bleek het aantal meldingen zo omvangrijk dat bij lichte vormen van verzuim is volstaan met schriftelijke berichtgeving aan leerlingen en ouders.

Bij de aanpak van verzuim staan het bevorderen van aanwezigheid en de daarbij behorende registratie centraal. Hierbij maken we gebruik van de handreiking van Ingrado, waarbij aanwezigheidsbeleid onder meer wordt bevorderd door overeenstemming tussen de betrokkenen, een band tussen school en ouders, toegankelijk personeel, eenduidig gebruik van codes voor aanwezigheid en afwezigheid, zorgvuldige registratie, overzicht en het vieren van aanwezigheid. 

Absoluut verzuim

Absoluut verzuim betekent dat leer- of kwalificatie-plichtige jongeren niet zijn ingeschreven op een school. Jongeren die in de regio Zuid-Holland Zuid wonen en niet zijn ingeschreven op een school komen automatisch naar boven in het systeem van LVS. Het kan gaan om jongeren die in de regio zijn komen wonen (waaronder nieuwkomers, vluchtelingen etc.) maar bijvoorbeeld ook om verhuisgevallen binnen de regio.

De administratie van LVS stelt in deze gevallen een onderzoek in waarbij zoveel mogelijk informatie wordt verzameld. Vaak blijkt de oorzaak van het absoluut verzuim in het administratieve proces van scholen te zitten. Hierbij voorziet de administratie van LVS de school van een advies en volgt alsnog de formele inschrijving op de school.
Als het onderzoek geen informatie oplevert, stuurt de administratie een brief aan de ouders/verzorgers met de vraag op welke school hun kind staat ingeschreven. Volgt er geen reactie dan wordt de casus doorgezet naar de consulent van LVS die het onderzoek voortzet.




Vaak blijkt daaruit dat jongeren al wel op een school zijn aangemeld. Is dat niet het geval dan informeert en adviseert de consulent LVS de ouders bij het zoeken naar een nieuwe school. Daarbij kan hulp ingeschakeld worden van partnerorganisaties, zoals het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs.

In bijna alle gevallen van absoluut verzuim is er een schoolinschrijving of volgt er een schoolinschrijving. In enkele gevallen weigeren ouders/verzorgers hun kind in te schrijven. In die gevallen kan LVS handhavend optreden.

Aandacht voor leerlingen uit Oekraïne
Vanaf maart 2022 had ook onze regio te maken met een toestroom van Oekraïners. LVS probeert ook deze groep in beeld te krijgen. Er is zicht gekomen op de groep die of een schoolinschrijving heeft en/of ingeschreven staat in de basisregistratie van de gemeente. Tot aan de zomervakantie ging het om een groep van in totaal zo’n 450 kinderen/jongeren waarvan er bijna 200 niet waren ingeschreven op een school. We weten dat van deze groep een gedeelte online lessen volgt van hun eigen school in Oekraïne. Helaas kon dit door capaciteitsgebrek nog niet verder in beeld gebracht worden.

Vrijstellingen (en vervangende leerplicht)

De Leerplichtwet kent enkele gronden voor vrijstelling van de verplichting tot schoolinschrijving, dit geldt wanneer:

  • een leerling vanwege lichamelijke of psychische oorzaken niet geschikt is om op een school te worden toegelaten (artikel 5 onder a)

  • ouders en leerling bezwaar hebben tegen de richting van het onderwijs (artikel 5 onder b)

  • een leerling onderwijs volgt op een school buiten Nederland (artikel 5 onder c)
  • een kwalificatieplichtige jongere op een andere manier voldoende onderwijs volgt (artikel 15)

Verder is er de vrijstelling van geregeld schoolbezoek, artikel 11 onder g, ook wel ‘extra verlof’ genoemd
(bijvoorbeeld bij overlijden van een naast familielid)

Daarnaast kent de Leerplichtwet (volgens artikel 3a en 3b) vervangende leerplicht voor jongeren vanaf 14 jaar die vanwege zeer bijzondere omstandigheden geen volledig dagonderwijs op een school volgen. 
Zij kunnen naast algemeen vormend en op een beroep gericht onderwijs praktijktijd krijgen naast en in samenhang met het onderwijs. Ook kunnen leerlingen in bijzondere situaties in het laatste jaar van de leerplicht toestemming krijgen onderwijs te volgen aan een MBO-instelling. Hiervoor moet een plan van aanpak worden opgesteld waarin onderwijs- en vormingsdoelen zijn opgenomen.

5 onder a
Vrijstellingen van inschrijving op lichamelijke en/of psychische gronden

Ondanks alle inspanningen is een passende onderwijsplek soms moeilijk te vinden. Dan zijn samenwerkingsverbanden passend onderwijs en eventueel zorgpartners aan zet om in samenspraak met ouders en vanaf 12 jaar kinderen een onderwijsplek te vinden. LVS heeft in die gevallen vaak een functie als verbinder, regisseur en soms als bewaker van resultaat. Soms is onderwijs (tijdelijk) echt niet mogelijk. LVS kan dan na sociaal-medisch advies te hebben ingewonnen een vrijstelling verlenen voor de duur van een jaar.

Samen zoeken naar oplossingen die het beste aansluiten bij de situatie van de leerling

‘Als ouders een beroep doen op vrijstelling van de inschrijvingsplicht vanwege lichamelijke en psychische problematiek proberen we vaak te zoeken naar mogelijke aanpassingen in het onderwijs. Aanpassingen op maat waarmee leerlingen toch onderwijs kunnen volgen en een vrijstelling kan worden voorkomen.’ Consulent leerplicht en voortijdig schoolverlaten Marjon Idema licht toe hoe dat in de praktijk werkt.  

‘Als dit in situaties waarbij een beroep wordt gedaan op vrijstelling nog niet het geval is, vragen wij ouders het Samenwerkingsverband erbij te betrekken om te onderzoeken of een vorm van onderwijs mogelijk is. Waarschijnlijk wordt het betrekken van het Samenwerkingsverband volgend jaar overigens een wettelijke verplichting. LVS loopt hier in samenwerking met samenwerkingsverbanden en andere partnerorganisaties al op vooruit. Een nieuwe werkwijze is ontwikkeld waarbij het samenwerkingsverband in alle aanvragen betrokken wordt en wordt gevraagd om een onderwijskundig advies.
Deze werkwijze gaat vermoedelijk per 1 januari 2023 in.’ 



Succesvol
‘Dit jaar was ik betrokken bij een leerling, die op haar dagbestedingsplek toch onderwijs volgde, geleverd door de school. De school had bij het samenwerkingsverband een arrangement aangevraagd voor een thuisdocent die drie uur per week kon langskomen bij de dagbesteding. De belasting werd opgevoerd en aan het einde van het jaar werd besloten een plek te zoeken in het speciaal onderwijs. Hiermee werd een
vrijstelling voorkomen. Ik kom ook ouders tegen die een beroep op vrijstelling per se willen voorkomen en strijden voor een passend onderwijsaanbod voor hun kind. Uiteindelijk regelde in zo’n situatie het samenwerkingsverband dat een school het lespakket verzorgde. De leerling werd thuis met lessen begeleid door een docent van de school. Het gaat daarbij in principe altijd om tijdelijke oplossingen.’

5 onder b
Vrijstelling op grond van richtingsbezwaar

In oktober 2021 is door het dagelijks bestuur een nieuwe werkwijze vastgesteld die gaat over art. 5 onder b. Dit artikel houdt in dat ouders een beroep doen op vrijstelling van de inschrijvingsplicht op basis van hun geloofs- of levensovertuiging. Naar aanleiding van de privacywetgeving, onrust bij ouders en na kamervragen, zijn aanpassingen in de werkwijze in oktober 2022 opnieuw vastgesteld door het dagelijks bestuur. Deze werkwijze houdt in dat ouders (vanuit wetgeving en jurisprudentie) aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen voordat het beroep wordt getoetst. De werkwijze voorziet er tevens in dat deze groep ouders en hun kinderen hetzelfde aanbod van de jeugdgezondheidszorg krijgt als schoolgaande kinderen en hun ouders.

Thuiszitters

Onderwijs is essentieel voor de ontwikkeling van kinderen en de beste garantie voor een kansrijke toekomst. Daarom willen we voorkomen dat leerlingen thuiszitten. De meeste leerlingen waarbij dit wel het geval is, hebben meerdere problemen tegelijk. Denk aan een lichamelijke handicap of psychiatrische problemen, zoals angsten, psychische problematiek, autisme of gedragsproblemen. Daarnaast hebben deze leerlingen vaak problemen thuis, zoals het ontbreken van structuur, armoede, schulden, gebroken gezinnen of vechtscheidingen en blijkt de overgang van de ene naar de andere ‘schoolsoort’ het risico op thuiszitten te vergroten. 

Onder ‘thuiszitter’ verstaan we een leer- of kwalificatieplichtige leerling (5-18 jaar), die: 

  • al dan niet is ingeschreven op een school
  • vier weken of langer niet naar school gaat
  • geen vrijstelling volgens de Leerplichtwet heeft
  • niet ziek is of
  • wel ziek is, maar conform plan van aanpak in staat is om (gedeeltelijk) naar school te gaan.

Zoals ook elders in dit jaarverslag aan de orde komt, wordt komend schooljaar een voorstel van de minister
van onderwijs behandeld waarin de uitgangspunten ‘ongeoorloofd’ en ‘geoorloofd’ verzuim worden losgelaten en aanwezigheid centraal staat. Met dit voorstel komen alle thuiszitters nadrukkelijker in beeld en kan daarop gestuurd worden.

In de huidige aanpak van thuiszitten is samen met ouders, leerkrachten, bestuurders en jeugdprofessionals een
‘Doe-agenda’ opgesteld. Hiermee wordt er tot 2023 aan gewerkt, dat voor iedere thuiszitter binnen drie maanden passend onderwijs of zorgaanbod is gevonden. Dat heeft er toe geleid dat het afgelopen schooljaar is gewerkt met 7 maatregelen. Gezocht is naar aanvullende, realiseerbare en concrete maatregelen. De maatregelen in de ‘Doe-agenda’ zijn aanvullend op maatregelen waarbij al is besloten om bijvoorbeeld de samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg te verbeteren. Daarnaast zijn de maatregelen realiseerbaar. Er is bewust voor gekozen in te zetten op maatregelen waar we zélf invloed op hebben en maatregelen die buiten onze ‘invloedzone’ liggen even te laten liggen. Tot slot zijn de maatregelen concreet. Vandaar dat we spreken van een ‘Doe-agenda’. 

De 7 maatregelen uit de Doe-agenda

  • Investeer in de aanpak van school(ziekte)verzuim op schoolniveau door heldere afspraken tussen school, professionals en ouders over het signaleren en melden van school(ziekte)verzuim
  • Bevorder de deskundigheid van de mensen die het doen, zodat ‘problemen’ snel worden herkend en aangepakt
  • Stel een regionale werkwijze op voor de overstap van zorgleerlingen van vo naar mbo, zodat leerlingen met veel problematiek niet ongezien binnen het mbo starten


  • Pas de procedure voor vrijstellingen toe, zodat rekening wordt gehouden met de pedagogische mogelijkheden
  • Ontwikkel een doorbraakaanpak die staat voor het realiseren van een bindend besluit waardoor thuiszitten zo snel mogelijk eindigt
  • Verbeter de informatiepositie van ouders, zodat zij weten wat er mogelijk is en wat zij kunnen doen
  • Richt een dashboard in om een beeld te krijgen van kinderen die langdurig niet naar school gaan. 

Aantal thuiszitters 2021-2022

Preventie: voorkomen is beter dan genezen

Hoe eerder we erbij zijn, hoe groter de kans op een succesvolle aanpak. Een belangrijk deel van het werk van LVS is samen te brengen onder de noemer preventie. Een noemer die uiteenlopende activiteiten bundelt. Van vroegsignalering tot specifiek advies voor brugklassers. En van advisering, voorlichting en vraagbaakfunctie voor leerlingen, ouders, leerkrachten, scholen, gemeenten en partnerorganisaties tot

preventieve gesprekken bij dreigend verzuim en verzuimalertheid. Van de versterking van alertheid geeft consulent Marjon Idema een voorbeeld uit de praktijk.

Cijfermatig zijn preventieve werkzaamheden moeilijk in beeld te brengen. LVS probeert dit wel te doen, maar tot op heden zijn dit geen betrouwbare cijfers. 

Werkgroep versterken verzuimalertheid en meldingsbereidheid Primair Onderwijs

‘Scholen hebben het beste met hun leerlingen voor en zien verzuim als belangrijk aandachtspunt’

‘Landelijk gezien blijft het primair onderwijs in vergelijking met het voortgezet onderwijs achter als het gaat om het aantal verzuimmeldingen bij leerplicht. Om oorzaken hiervan in beeld te brengen hebben we onder meer directeuren geïnterviewd van scholen die drie jaar geen verzuim hadden gemeld.’ Consulent leerplicht en voortijdig schoolverlaten Marjon Idema vertelt wat deze en andere activiteiten van de werkgroep versterken verzuimalertheid en meldingsbereidheid opleveren.

‘Uit de interviews met de directeuren blijkt dat het met verzuimalertheid wel goed zit. Scholen hebben verzuim meestal goed in beeld. Ze hebben het beste met hun leerlingen voor en zien verzuim als een belangrijk aandachtspunt. Maar soms hebben ze redenen om verzuim niet aan Leerplicht door te geven. Bijvoorbeeld om de relatie met ouders in stand te houden. Het afgelopen schooljaar kregen we meer meldingen dan vorig schooljaar. Vooral op het gebied van luxeverzuim, waarbij ouders zonder toestemming van school eerder op vakantie gaan of te laat terugkomen.
Ook bij zorgwekkend verzuim kan LVS bijdragen aan het starten van de juiste hulp voor ouders. 

Met de projectgroep hebben we een aantal activiteiten georganiseerd. Zo hebben we op de Pabo voorlichting gegeven over onze werkwijze, we zijn aangesloten bij lokale overleggen tussen gemeenten en onderwijs of bij netwerkbijeenkomsten van Intern Begeleiders. Deze activiteiten werpen duidelijk vruchten af; het aantal verzuimmeldingen door het PO is toegenomen waardoor sneller passende interventies ingezet konden worden. Ook onze mogelijke rol bij frequent te laat komen, zoals we al doen bij het voortgezet onderwijs, hebben we onder de aandacht gebracht. 

Handhaving

Bij de aanpak van ongeoorloofd schoolverzuim wordt volgens de lijn van de MAS altijd gezocht naar oplossingen met ouders, leerling, school en andere partners om het verzuim (deels) te stoppen. We kunnen er echter niet altijd onderuit om sancties op te leggen. Bijvoorbeeld in de vorm van een verwijzing naar Halt voor een leer-/werkstraf of het opmaken van een proces-verbaal tegen leerlingen vanaf 12 jaar en hun ouders. Dat kan uiteindelijk leiden tot een voorwaardelijke of onvoorwaardelijke taakstraf of begeleiding door de jeugdreclassering tot maximaal twee jaar. Het Openbaar Ministerie en de rechter richten zich hierbij altijd op terugkeer naar school, straffen is namelijk geen doel op zich.

Als ouders bijvoorbeeld hun kinderen buiten de schoolvakanties om meenemen op vakantie, is sprake van luxe verzuim. Dat kan vanuit het Openbaar Ministerie een boete opleveren voor de ouders.

Accent bij verzuim op vroeg overleg met betrokkenen en ketenpartners

‘Het afgelopen schooljaar kreeg ik een melding waarbij sprake was van regelmatig schoolverzuim en te laat komen. Ik wilde met de leerling en de ouders in gesprek om te overleggen en te zoeken naar oplossingen. Maar op drie uitnodigingen kreeg ik geen reactie.’ Consulent leerplicht en voortijdig schoolverlaten Valerie Ali vertelt hoe zo’n situatie toch een positief vervolg kan krijgen. 

‘Het gezin had te maken met een scheiding en verhuizing maar er was verder geen hulpverlening bij betrokken. Er was al eens een gesprek met de betreffende leerling gevoerd en een waarschuwing gegeven. Nu wilde ik graag met het gezin in gesprek over het verzuim en eventuele oplossingen. Zoals begeleiding van het jeugdpreventieteam voor een periode van drie maanden om een goede start op een nieuwe school in een nieuw schooljaar mogelijk te maken.’ 

Niet vrijblijvend
‘Ik nodigde de ouders uit, maar kreeg op drie uitnodigingen geen reactie. Dat is best uitzonderlijk. Want meestal vinden ouders zulke situaties ook heel vervelend. Ze hebben er niet altijd grip op en staan vaak open voor ondersteuning. Of ze hebben een verklaring voor de situatie en willen graag uitleggen en overleggen. In deze situatie was het verzuim in de tussentijd opgelopen tot tientallen uren. Daarmee overschrijd je de grens voor een relatief lichte straf via HALT en wordt een proces- verbaal onvermijdelijk. De Raad voor de Kinderbescherming doet dan onderzoek gericht op de jongere en het door hem of haar gepleegde delict. De uitkomst van een proces-verbaal kan zijn dat jeugdreclassering wordt opgelegd. Afspraken zijn dan niet meer vrijblijvend maar verplicht.’


‘Ik heb het gezin hierover geïnformeerd. De situatie die daarmee dreigde te ontstaan was voor hen het moment om mij te bellen en een afspraak te maken voor een gesprek. Zo konden we gezamenlijk op zoek naar oplossingen. De woorden ‘proces-verbaal’ hoeven we in de praktijk gelukkig vrijwel nooit te gebruiken. Doordat het accent veel meer naar voren is gelegd, kunnen we zulke situaties met overleg tussen leerlingen, ouders, scholen en andere ketenpartners meestal voorkomen en gezamenlijk werken aan betere oplossingen. In dit geval is de opkomst van de leerling op een nieuwe school inmiddels heel goed, zijn houding nog beter en de aansluiting met leerlingen en docenten ver boven verwachting. Alleen maar reden tot blijdschap.’

Jaarverslag Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten 2021-2022